NL
Terug




March 4, 2015

Oersoep, Nijmegen

Steeds meer jonge ondernemers vestigen zich op verlaten industrieterreinen en grimmige buitenwijken. In panden waarvan gemeentes uiteindelijk bepalen hoe lang zij er mogen blijven. Vaak is dit voor beginners een doelbewuste keuze, want het vinden van een geschikt en goedkoop pand in de stadskern is moeilijk. Zo ook voor Sander Kobes en Kick van Hout van Brouwerij Oersoep. Zij mogen, samen met De Smeltkroes, zeven jaar deel uitmaken van zo’n industriële broedplaats. In de oude Honigfabriek aan de rand van Nijmegen redden ze zich uitstekend.

Brouwerij Oersoep

First Things First! Zo heet het koffiezaakje dat ons aangeraden werd door een vriendelijke baard met schort. Houtmeubelmakers! Ook weer in opkomst. Welriekend hout, zagende machines, robuust meubilair… Wat wil je nog meer? Nou, koffie dus. Eenmaal door het poortje treffen we een walhalla van bedrijvigheid, een dorpje op zich. “I don’t need you to tell me how f*cking good my coffee is”, staat boven de deur van First Things First. Niet alleen de koffie is uitmuntend, maar ook aan het interieur is te zien dat het een serieuze zaak is. Een aangename verrassing. De koffie wordt en publique gemalen, onze quiche is huisgemaakt en het personeel erg bedreven.

Hetzelfde verrassingsgevoel overvalt je wanneer je Brouwerij Oersoep binnenloopt. Ook dit straalt vakmanschap uit. Wat een hoogte! Grote tanks, nog grotere vaten, en een vrolijke Sander Kobes die ons met rubberen laarzen tegemoet wandelt. Hij wijst naar een schuimende tank. “Deze gist heeft het hier erg naar z’n zin”, grijnst hij. “We zijn ermee aan het experimenteren.” Do, de nieuwe aanwinst van Brouwerij Oersoep, komt er even bij staan. Eenmaal terug van Thailand reageerde ze enthousiast op de vacature en werd er gelijk uitgepikt. Nu vormen ze met z’n drieën een goed op elkaar ingespeeld team. “Buiten het poetsen om moet ik namelijk alle andere kutklusjes doen”, grapt Kick bij binnenkomst.

Sander en Kick brouwden eerst in een garagebox, totdat hun oog viel op een idyllisch pompstation. Ze zagen mogelijkheden, startten een crowdfunding campagne en belandden uiteindelijk in de imposante Honigfabriek. Ook gaaf! Sander leidt ons naar vier houten 7000 liter vaten die achterin de fabriekshal naast elkaar staan opgesteld. “Deze foeders hebben we zelf uit Frankrijk gehaald. Om de wilde gisten vrij te laten ademen.” Brouwerij Oersoep is tevens de eerste Nederlandse brouwerij met een koelschip, om nog beter met spontane gisting te kunnen werken.

Brouwen voor het buitenland

De lijst met bieren van Brouwerij Oersoep is enorm, maar velen zijn helaas niet een tweede keer te verkrijgen. “Wel brouwen we drie vaste bieren”, vertelt Sander. Een Saison/Witbier, een citrus-achtige Saison en de blonde Hopfather. “Daar komen nu vier vaste foederbieren bij, waaronder een lambiek-achtige en een Vlaams Rood.” Niet direct bieren waar Nederland bekend mee is. “Het zure zit niet zo in onze cultuur”, licht Kick toe. “Nederlanders houden meer van zoet.” Sander: “We zitten nu pas met z’n allen aan de IPA. Amerika is veel verder ontwikkeld in smaakbeleving.” Het is dan ook niet gek dat Oersoep veel brouwt voor de buitenlandse markt.

En dat is eigenlijk jammer voor ons land. Oersoep is van een uitzonderlijke klasse, progressief en met oog voor detail. Sander en Kick kijken niet naar wat er al is, maar juist naar wat er mist. “Zo zijn we ook begonnen”, aldus de jongens. “We wilden dingen maken die we niet konden krijgen. Zo waren we hier bijvoorbeeld één van de eersten met een Saison.” Onbegrensd in creativiteit brouwen ze naast excentrieke Saisons een breed scala aan bijzondere biertypen. En meestal laag in alcoholpercentage. Een knap staaltje werk.

Dynamisch terrein

Er valt een boel moois te ontdekken op dit dynamische terrein. Onder andere restaurant De Meesterproef en Brewpub STOOM. In de Smeltkroes ruik je versgemaakte koekjes en soep, terwijl Mattias Terpstra en Vincent Gerritsen, de jonge brouwers van Katjelam, ons leren over Grätzer-bier. Nog nooit van gehoord. Ook creëren ze eigen bierstijlen door voedsel als uitgangspunt te nemen voor hun recepten. Gewaagd!

Gewaagd, maar ambitieus. Zo merkt ook Sander op: “De Nederlandse biercultuur is eclectisch en daardoor interessant. Thuisbrouwers, zoals Katjelam, zijn daar het beste voorbeeld van. Maar toch, als je kritisch kijkt, is er nog te weinig brouwkennis in Nederland.” Daarnaast werkt de infrastructuur ook niet mee: “Als je een goede hopsoort laat overvliegen is hij alweer minder vers als-ie landt. Ga naar Amerika en je proeft pas echt hoe hop smaakt.”

Een manier om meer te leren is samenwerken met buitenlandse brouwerijen. Brouwerij Oersoep gaat graag zulke collabbrews aan. Zo staat op 10 maart een brouwdag gepland met Jester King Brewery, en dat voor het eerst met het nieuwe koelschip. Maar ook dichter bij huis worden banden gelegd. Bijvoorbeeld met de enige echte ciderman van Nederland, aan de overkant van de rivier.

De kritische consument

In de warm industriële Brewpub STOOM kun je uit een gevarieerd assortiment bieren kiezen. Tevreden zitten we aan een diepdonker zacht Zeebier en een goed zure Berlin. Barman Roel zet een plank borrelhappen neer waar je u tegen zegt. Sander: “Met veel verse producten uit de regio. Alleen al om die plank fietsen mensen hiernaartoe.” Service en kwaliteit staan voorop, en dat is bewust. Kick: “Met marketing kan je doen lijken alsof iets ambachtelijk is, maar daar trappen mensen niet meer zo snel in. De consument is kritischer geworden, en staat meer stil bij hoe een product wordt gemaakt.”

Barbershops, vintage koffiezaakjes, hipster fietswinkeltjes… Sinds de crisis zie je allerlei vergeten ambachten herleven. Deze nieuwe gilden van intelligente creatievelingen bestaan uit marketinggerichte trendvolgers enerzijds en authentieke ambachtslieden anderzijds. Brouwerij Oersoep behoort duidelijk tot de laatste categorie, en is daarmee niet gevoelig voor een overvliegend modeverschijnsel. Voor de avontuurlijke fijnproever is Waalbandijk, Nijmegen een fantastische ervaring.

Website van Brouwerij Oersoep

Terug